dinsdag 9 april 2013

Hoe zit het nu echt met digital natives, leerstijlen, leesgedrag enz.?

Pedro de Bruyckere, schrijver van het blog X, Y of Einstein, en Casper Hulshof, docent aan de Universiteit van Utrecht, hebben een boek geschreven over onderwijsmythes: 'Jongens zijn slimmer dan meisjes'. Ik heb het nog niet helemaal uit, maar zeker al wel genoeg gelezen om er hier een aanbeveling voor te plaatsen.

De inhoud
In het boek wordt een aantal veelgebruikte argumenten om onderwijs te veranderen onderzocht: zijn die argumenten wetenschappelijk onderbouwd of niet, of moeten ze met (iets) meer nuance bekeken worden?

De argumenten die behandeld worden, zijn onderverdeeld in 4 categorieën. Argumenten/mythes die te maken hebben met:
  • leren (bijv.: 'in het onderwijs moet je met meer intelligenties rekening houden'),
  • de werking van het brein (bijv.: 'met Brain Gym en Brain Games kan je je hersenen verbeteren'),
  • het gebruik van technologie in het onderwijs (bijv.: 'jongeren lezen niet meer'),
  • onderwijsbeleid (bijv.: 'een kleinere klas is beter').
Het boek eindigt met een aantal tips voor onderwijsvernieuwingen die gebaseerd zijn op de uitkomsten van de eerder beschreven wetenschappelijke onderzoeken en tips hoe je zelf kan inschatten en onderzoeken of iets een mythe is of een feit.

Waarom ik het boek een aanrader vind
Sinds het in 2006 door de Onderwijsraad uitgebrachte advies 'Naar meer evidence based onderwijs' is er steeds meer aandacht voor dit onderwerp. Helaas blijkt niet iedereen (ikzelf ben niet anders) niet altijd even goed op de hoogte te zijn wat die wetenschap nu precies heeft aangetoond, tot nu toe. Er blijken veel zaken te zijn waarvan we denken dat die waar zijn, maar die in de praktijk niet waar zijn of op zijn minst veel genuanceerder blijken te liggen dan we denken. Dit boek biedt - denk ik - een mooi overzicht van vaak opgevoerde feiten en fictie op dit gebied, en is daarom verplichte kost voor wie zich mengt in de discussie over onderwijs en onderwijsvernieuwing.

Daarnaast vind ik het boek een prachtig bewijs dat wetenschappelijk onderzoek niet hetzelfde is als een zoektocht op internet, zoals 94% van de jongeren in de VS schijnt te denken. En ik hoop en verwacht dat het lezen van dit boek er bij velen interesse zal wekken voor wetenschappelijk onderzoek. Want, zoals De Bruyckere en Hulshof vertellen in de eerste hoofdstuk van hun boek: het moet heerlijk zijn om met de wetenschap in de hand af en toe het jongetje te zijn dat roept dat de keizer geen kleren aan heeft!

Voorproefje op het boek
Wil je je (voordat je het boek gaat lezen) alvast eens oriënteren op dit onderwerp? Neem dan een kijkje op het blog (van het) Blogcollectief Onderzoek Onderwijs, en met name de categorie 'evidence based onderwijs'. Als je plezier hebt in het lezen van die posts, dan zal het boek je ook zeker bevallen.

woensdag 3 april 2013

Wij leren: informatie voor onderwijsprofessionals (in wording)

Afgelopen week werd ik geattendeerd op de nieuwe website Wij Leren. Volgens de makers van de website is Wij Leren 'een digitaal platform waar alle huidige kennis over het basisonderwijs te vinden is, geschreven door een selecte groep onderwijskundigen, onderzoekers en psychologen'. Dat is nogal een gewaagde omschrijving: alle kennis die er is op één site samen brengen, lijkt me onhaalbaar. Maar ik vind wel dat ze nu al, terwijl de site nog in opbouw is, een interessant overzicht bieden van verschillende aspecten van (basis)onderwijs:
  • het kind,
  • pedagogiek,
  • didactiek (algemeen, taal, lezen, spelling, rekenen)
  • leren,
  • de school (algemeen, profiel, ouders, handelingsgericht werken, leerlingvolgsystemen),
  • onderwijsvisies,
  • gedragsproblemen,
  • stoornissen,
  • ontwikkelingspsychologen,
  • middelen.
Ik vermoed dat dit lijstje van onderwerpen nog zal groeien als de site verder wordt uitgebreid.

De 'kennis' wordt op de site op 4 verschillende manieren aangeboden:
  1. in korte definities van begrippen,
  2. in artikelen van ca. 1000 woorden (dus ongeveer 1 A4'tje) over onderwijskundige thema's,
  3. in langere achtergrondartikelen (verdieping) over diezelfde thema's
  4. in artikelen waarin onderwijsspecialisten hun mening geven over de thema's.
Uiteraard is de scheidslijn tussen die categorieën soms dun (in een achtergrondartikel wordt wel eens een mening verkondigd), maar ik vind het wel zinvol om te benadrukken dat niet alles wat geschreven wordt feiten zijn en dat de gebruiker van de site hierop geattendeerd wordt. De scheidslijn is overigens niet meer dan een stippellijntje, omdat onderaan elk artikel een overzicht gegeven wordt in welke categorieën  nog meer informatie over dat onderwerp te vinden is. Ben je op zoek naar informatie over een onderwerp, dan is het slim om je zoektocht te starten bij het overzicht van alle begrippen (die je ook zou kunnen zien als sleutelwoorden), en van daaruit door te klikken naar de informatie in de andere categorieën, die elk herkenbaar zijn aan een symbooltje.

De lijst van bijdragers aan de site is imposant: je vindt er vele grote namen. Bij elke auteur staat een overzicht van de artikelen van zijn hand die op de site te vinden zijn.

Voor mij is de site een heel waardevolle aanwinst omdat het me in staat stelt om in samenhang te lezen over onderwerpen die me interesseren. Door het overzicht van begrippen en de koppeling van artikelen is de site ook als naslagwerk goed bruikbaar.

Uiteraard is het platform niet uitputtend: er is over alle onderwerpen natuurlijk veel meer te vertellen dan op deze site te vinden is. Maar de site biedt zeker een goede start om je te verdiepen in een onderwerp en een beeld te krijgen van de scope daarvan. En van daaruit kan je natuurlijk verder zoeken. Om je daarbij verder op weg te helpen, zouden er bij de artikelen nog wel wat vaker bronnen genoemd kunnen worden: die worden slechts zelden genoemd. Maar dat is geen reden om te mopperen: daarvoor is wat er nu al is veel te mooi. Ik hoop dat het een aansporing is voor de ontwikkelaars van de site om de site verder te ontwikkelen, zowel door meer artikelen toe te voegen als door het noemen van de gebruikte bronnen.

maandag 25 maart 2013

Wat zijn mooie, leuke, goede websites en apps?

 Elk jaar wordt de verkiezing van de Gouden Apenstaart gehouden: de verkiezing van de beste website en app voor kinderen. Dit jaar zijn er 4 categorieën:
  1. Gouden @penstaart voor websites voor kinderen (leeftijd 6-12 jaar) die gemaakt zijn door professionals, ongeacht of dit commerciële organisaties zijn, niet-commerciële organisaties of particulieren.
  2. Gouden @penstaart voor websites door kinderen die gemaakt zijn door kinderen zelf (leeftijd tot 16 jaar).
  3. Media Ukkie Award voor apps voor ukkies (leeftijd 0-6 jaar) die gemaakt zijn door professionals, ongeacht of dit commerciële organisaties zijn, niet-commerciële organisaties of particulieren.
  4. Gouden @penstaart voor apps door kinderen die gemaakt zijn door kinderen zelf (leeftijd tot 16 jaar).
De organisatie heeft inmiddels de beste inzendingen geselecteerd; nu is het aan het publiek (volwassenen en kinderen) om - voor de eerste 3 categorieën - uit deze selectie te stemmen op de site of app die zij het beste vinden.

Omdat het om sites en apps gaat voor kinderen, ligt het voor de hand om kinderen te vragen naar hun mening. Een goede aanleiding om met kinderen te praten over hoe zij media beoordelen. Hoe bepalen zij of een site of app leuk is en past bij wat zij willen? Hanteren zij dezelfde criteria als de organisatie van de Gouden Apenstaart? En vinden zij al die criteria even belangrijk of zijn sommige criteria belangrijker dan andere? En hoe beoordelen zij de nominaties van dit jaar op basis van de door henzelf opgestelde criteria? Een voorbeeld van hoe een les over het beoordelen van websites eruit zou kunnen zien, vind je hier.

Wat kinderen kunnen leren van zo'n les en het uitbrengen van hun stem (op de genomineerde sites en apps)?
  • ze leren kritisch kijken naar media, bijv.: moet je alles geloven wat online staat, welke invloed kunnen beelden hebben op hoe je iets beoordeelt, hoe kan je zien wie de maker is van een site of app en waarom is dat belangrijk?
  • ze leren hoe ze hun mening kunnen verwoorden.
  • ze leren hoe je gezamenlijk een oordeel kan vormen door met elkaar te discussiëren en voors en tegens te benoemen en af te wegen.
  • ze leren hoe je te werk kan gaan als je een keuze moet maken.
Je kan natuurlijk daarnaast ook de inhoud van de te beoordelen websites en apps gebruiken voor een les, bijv. een biologieles, een les over kunst en cultuur of over het milieu en energie. Of geef een rekenles over procenten: als er 300 inzendingen zijn en er worden 5 genomineerd, hoeveel procent is dat dan? En als er 15.000 mensen hun stem uitbrengen op één van de sites en de winnaar verzamelt er 4000, hoeveel procent is dat? En, een lastige vraag: hoeveel stemmen heb je bij zoveel stemmers tenminste nodig om de verkiezing te winnen?

Je kan stemmen tot 14 april; op 17 april worden de winnaars bekend gemaakt. Tijd genoeg dus om met je leerlingen al dat moois te bekijken en te beoordelen!

donderdag 21 maart 2013

Belonen: een belangrijk onderdeel van onderwijs

Gamification
De laatste jaren is er veel belangstelling voor games in het onderwijs. Niet alleen voor het gebruik van serious games (games die gemaakt zijn om iets te leren), maar ook voor hoe je onderwijs kan verbeteren door het toepassen van game-eigenschappen (gamification). Over dat laatste is veel geschreven, o.a. in deze wiki.

Beloning
Eén van de eigenschappen waardoor spelers in het spel getrokken worden is het systeem van beloningen. Binnen games worden vaak verschillende beloningen gegeven. Er wordt bijvoorbeeld een score bijgehouden of je kan bonussen verdienen in de vorm van bijzondere middelen of eigenschappen die je helpen om verder te komen in het spel.

Ook in het onderwijs wordt gewerkt met beloningen: je kan cijfers verdienen voor de vakken en complimenten van de docent. In het basisonderwijs kunnen leerlingen daarnaast ook vaak extra waardering krijgen in de vorm van stickers of plaatjes. Een nadeel van dit systeem vind ik dat het vaak erg de nadruk legt op de schoolvakken en op cognitieve prestaties. Zaken als sociaal gedrag, een positieve werkhouding enz. worden wel beloond in de vorm van complimentjes, maar wordt - met uitzondering van sommige rapportagesystemen - niet echt tot onderdeel van een beloningssysteem gemaakt. Daarnaast zijn beloningen vaak iets tussen de leraar en de leerling en wordt er weinig tot geen gebruik gemaakt van onderlinge competitie èn stimulans van de leerlingen.

Ik heb daarom een ander beloningssysteem (in de vorm van een downloadbaar spreadsheet) bedacht. Een systeem waarbij aandacht is voor verschillende talenten van leerlingen en waarbij competitie een rol speelt en leerlingen elkaar stimuleren om hun score te verbeteren. Daarnaast zit in het systeem een 'geluksfactor' (toeval) ingebouwd en het biedt mogelijkheden om het te koppelen aan een verhaal, speurtocht of ander spel.

Hoe werkt dit beloningssysteem?
  • Om het systeem te kunnen gebruiken, moet je dit spreadsheet downloaden naar je eigen p.c. en openen in excel. 
  • In het spreadsheet in tabblad 'invulblad' zie je de namen van de kinderen van een fictieve klas en 3 categorieën waarop ze beloond kunnen worden: voor een cognitieve prestatie, voor sociaal gedrag of een goede inzet. 
  • Als een kind een beloning verdient (ter beoordeling aan de leerkracht), mag hij - binnen de categorie waarin hij een beloning heeft verdiend - kiezen waar hij een kruisje wil laten zetten. De leerkracht zet op die positie een kruisje. Dat levert een bepaalde score op. De leerling weet niet welke score elk vakje oplevert: de score lijkt toeval maar is in feite tevoren door de leerkracht vastgelegd in het tabblad 'puntentoekenning'.
  • In een enkel geval levert het zetten van een kruisje niet een score op, maar een joker. De leerling kan kiezen waarvoor de joker wordt ingezet. De mogelijkheden daarvoor worden tevoren door de leerkracht aangegeven: bijv. de keuze voor een groepsactiviteit (apekooien in de gymles) of voor een individuele activiteit (een keer lezen in plaats van een rekenactiviteit). 
  • Als een bepaalde individuele eindscore wordt behaald, krijgt de leerling  hiervoor een extra beloning (bijv. bij 30, 60 en 90 punten). Dat kan op dezelfde manier als bij een joker, maar je kan ook denken aan het geven van een 'badge' die een leerling kan publiceren op zijn profielsite of website. Je kan hiervoor gebruik maken van het open-badge-project van Mozilla, maar je kan natuurlijk ook zelf digitale plaatjes maken en de leerling een link geven waarmee hij dat plaatje op zijn eigen (profiel)site kan plaatsen. 
  • Ook bij het behalen van bepaalde groeps-eindscores volgt een beloning, bijv. een middag met de groep naar buiten of een excursie naar een leuk museum. Voor deze beloningen worden tevoren afspraken gemaakt.

Tips en trucs bij het gebruiken van dit systeem
Uiteraard kan je het spreadsheet en het gebruik ervan aanpassen aan eigen wensen en inzichten:
  • pas de categorieën aan waarmee een beloning verdiend kan worden. Denk bijvoorbeeld aan beloningen voor prestaties voor buitenschoolse activiteiten of  bijzondere talenten.
  • De beloning per categorie (die je kan vinden in het tabblad 'puntentoekenning') kan  aangepast worden. In deze versie kan elke leerling per categorie evenveel punten verdienen: voor beloningen op cognitief gebied kan hij totaal 32 punten verdienen, voor sociaal gedrag 48 punten en voor inzet weer 32 punten. Die weging kan je gelijk houden voor alle leerlingen maar je kan ook per leerling bepalen voor welke categorie hij de meeste punten kan scoren. Zo kan je het systeem aanpassen op de individuele mogelijkheden van de leerlingen.
  • Beloon niet alleen resultaten, maar ook vooruitgang. Een leerling die een rekentoets onvoldoende maakt, maar wel beter dan de vorige keer, mag best een complimentje krijgen. 
  • De individuele en de groepsscores kunnen binnen de muren van de klas gehouden worden, maar ze kunnen ook gepubliceerd worden in de klassekrant.
  • De jokers kunnen ingezet worden voor de individuele beloning van leerlingen, maar ook als onderdeel van een spel dat of een speurtocht die gedurende het jaar of aan het einde van een semester/trimester klassikaal gespeeld/gedaan wordt. Met het behalen van een joker kan een leerling dan bijvoorbeeld kiezen welke richting gekozen wordt in door de leerkracht ontworpen bordspel of hij kan een antwoord opvragen op een vraag in een speurtocht. 
  • Er zijn heel veel manieren om leerlingen te belonen. Vraag de leerlingen wat zij ervaren als een beloning. 
  • Kies bij voorkeur voor beloningen die liggen in de lijn van de manier waarop die verkregen moeten worden. Een ijsje is leuk, maar heeft weinig te maken met het feit dat je je extra hebt ingespannen voor de biologieles: daarbij past beter een beloning in de vorm van een excursie naar het museum Corpus, bonuspunten die gegeven worden bovenop het repetitiecijfer of zelfs vrijstelling van een les of toets.
Hulp
Wil je hulp bij het gebruik van dit systeem, wil je meer tips hoe je dit systeem kan aanpassen aan je eigen wensen of wil je hulp bij het bedenken van een spel of speurtocht waarbij je de jokers kan inzetten? Of wil je meer weten over gamification? Laat dan een reactie achter bij deze post of stuur me een mailtje.